Zwanen

Met de trein van Schiedam naar Delft, dat is een ritje van ongeveer 8 minuten. Soms is er iets aan de hand met een bovenleiding of een wissel, dan duurt het wat langer. Maar als de zwanen zich in de buurt van het spoor begeven, dan ben je als reiziger mooi de Sjaak. “Beste reizigers, u merkt het we staan stil”, klinkt het uit de luidspreker. “We hebben een stilstaande trein voor ons. Zodra we meer weten, informeren wij u.” “Beste reizigers, de trein voor ons staat stil achter een trein die een aanrijding heeft gehad met een zwaan. We vragen nog even uw geduld.” “Beste reizigers, we moeten nog even wachten, de dierenambulance is onderweg.” De dierenambulance? Sleep die zwaan van de rails en rijden met die trein. Er staan drie treinen stil. Weet je hoeveel mensen daar inzitten? Die willen naar hun werk, moeten naar school of hebben een belangrijke afspraak. We zitten midden in de ochtendspits en de NS besluit de dierenambulance te bellen om een aangereden zwaan te reanimeren. Wat is dit? In mijn brein wint de emotie het van de ratio. “Beste reizigers, u heeft het gemerkt. Het duurt langer dan gedacht. De machinist zal buitenlangs naar de andere kant van de trein lopen en dan rijden we terug in de richting van Rotterdam. Onze excuses voor het ongemak.” Een uurtje nadat ik in Schiedam ben ingestapt, stap ik er ook weer uit. Het perron staat stampend vol met forensen die de moed nog niet opgegeven hebben. Bij mij is die inmiddels in de schoenen gezonken. Ik besluit de fiets te pakken  en terug te rijden naar huis. Dan stap ik daar wel in de auto. Vanochtend vroeg ging het nog lekker, met windje mee. Nu heb ik hem pal tegen en blijkt hij toch harder dan ik dacht. En ja hoor, halverwege begint het ook nog te zeiken van de regen. Onder het viaduct dan maar weer het regenpak aantrekken. Twee uur te laat arriveer ik op mijn werk.

Zwanen, het zijn prachtige vogels, vooral in het water en in de lucht.